Categorie archief: Geen categorie

Zingen kan je helpen te helen

De reis van trauma naar heling heeft meer weg van een expeditie door onbekend en af en toe gevaarlijk gebied, dan van een kant en klaar georganiseerde reis.
Na elke afdaling in een dal van depressie en moeilijkheden heb je weer een ander uitzicht, blijkt de werkelijkheid er weer anders uit te zien en de weg naar je doel weer gewijzigd te zijn.

Gelukkig zijn er hulpmiddelen zoals therapie, goede vrienden, lotgenoten, lichaamswerk, creatieve vormen en nog veel meer, die je helpen de expeditie met succes te kunnen volgen zonder te ver te verdwalen of aan andere gevaren ten prooi te vallen.
In dit artikel ga ik het hebben over zingen.

Zingen met je stem is voor mishandelden en misbruikten een gevoelig iets. Logisch ook: het eerste wat dader deed was: je de keel snoeren. Soms letterlijk, soms met woorden en dreiging. Soms zijn ook je mond en keel voor heel andere dingen gebruikt dan praten of zingen die, zeker voor een kind heel traumatiserend zijn. Jezelf uiten met je stem wordt dan beladen. Je lichaam heeft de ervaringen opgeslagen en interpreteert het je uiten met je stem als gevaarlijk, levensbedreigend.

Zingen:
Nu is er een verschil tussen zingen als techniek en zingen in verbinding met je lijf, je gevoel, je ‘zijn’. Ik ga verder met de laatste manier.
Sinds een paar jaar heb ik zangles van een geweldige lerares, volgens de Lichtenberg methode. Dit is minder een zangtechniek, maar verbindt het zingen met je lijf, je emoties, je waarnemingen. Het geeft je de kans te ‘zakken’ in je lichaam, verbinding te voelen en voor je gevoel koude of bevroren delen mee te laten doen. Altijd met een vriendelijke uitnodiging, zonder dwang of oordeel. En, je stem gaat daardoor klinken. Voor mij telkens weer ontroerend, soms speels, ondeugend en soms komen er tranen. Ook dat mag.

Zoals afgelopen zondagmiddag, tijdens een lange sessie met een docente van het Lichtenberg-instituut die ook fysiotherapeute is en osteopaat.
Na een kwartiertje nodigde ze me uit te gaan zitten op een stoel en vroeg mij of het goed was dat ze mijn rug en nek zachtjes ging masseren. Zij voelde goed, had een warmte en goedheid om zich heen die aangenaam was. Na mijn toestemming raakte ze mij aan. Het was erg spannend, dat gebied, ik merkte dat er zoveel onveiligheid opgeslagen was in de spieren, pezen en het bindweefsel. Heel geleidelijk kwam er ruimte en zachtheid in, misselijkheid kwam op en ebde weer weg, tranen kwamen en ook het verdriet loste op. Tijdens het masseren zong ik, wanneer ik kon, lange tonen. Het zingen zelf zorgde voor een verbinding met de spieren, pezen, bindweefsel en bracht die ook in beweging door de trilling van het zingen. Er kwam ruimt, licht en ontspanning in dat gebied.
Na deze massage zongen we verder en kwam ik op een punt van loslaten en overgave aan iets onbekends. In deze veilige omgeving kon ik dat een beetje toelaten en, hops, daar kwam een stem uit mij naar boven, waarvan ik lang vermoedde dat die er was maar nooit kon horen. Een bevestiging dat ik niet helemaal gek ben en van binnen ‘wist’ dat dit er wel in zit.
Tot slot nog een deel op de gitaar gespeeld, alsof ik zong, in verbinding met mijn stem/ strottenhoofd. Opeens begreep iets in mij dit. Ik speelde en toen ik klaar was zag ik de docente en mijn eigen docente met tranen in hun ogen. Het is dus fundamenteel anders. Zingen/spelen vanuit techniek, of in verbinding met lichaam, ziel, innerlijk. Of je nu iets simpels speelt of iets ingewikkelds. Muziek is in essentie geen techniek maar het zingen van de ziel vanuit een muzikaal voelend lichaam.

Zo kan zingen je helpen het contact tussen je ‘zijn’ en je lichaam te herstellen zodat je meer kunt wonen in je eigen lijf.

Waarom traumaverwerking als je ouder bent

Zo, het moet er maar van komen, schrijven over dit onderwerp. Op mijn vrije dag, met zowel inspiratie als tegenzin.
De tegenzin zit ‘em in het feit dat buiten de zon schijnt, ik vrolijk wil leven en niet wil kijken naar dat wat pijn doen. Inspiratie omdat ik weet dat ik er niet mee weg kom, met niet kijken en niet delen wat er op mijn hart ligt. Er is een noodzaak tot introspectie, kijken, voelen, beleven, uiten en loslaten wat loslaat.
Ik geloof niet zo in actief loslaten. Wat loslaat, laat los. Wanneer dat niet zo is, dan is er nog werk te doen, te verwerken, te doorvoelen en dan, als je weer boven water komt kun je zeggen: nu laat ik het los. Niet voor het koppie onder gaan.

Als je al decennialang leeft met een onverwerkt trauma, dan heb je overlevingsstrategien ingezet in een ver verleden en die mechanismen verfijnd en je eigen gemaakt als waren het jouw eigen onvervreemdbare karaktertrekken en eigenschappen.
Klopt niet.

Toch zorgden deze voor mij ervoor dat het voor therapeuten moeilijk was vast te stellen wat er nu met me aan de hand was. Ik leek normaal te functioneren. Viel alleen wel vaak uit op mijn werk. En ja, was al twee keer gescheiden en had een voorkeur voor vrouwonvriendelijke mannen waar ik dan aan bleef plakken. ik ben nu in totaal 6x overspannen/burn-out geweest, waarbij ik telkens minimaal 1 maand, maximaal driekwart jaar uitviel. Na de laatste keer heb ik deeltijdontslag genomen om wekelijks 1 dag extra voor herstel en therapie te kunnen inbouwen.
Kortom: had ik nu een trauma of niet? De meningen waren verdeeld. Ik had het gevoel dat ik mijn eigen trauma moest promoten. Ja, luister, er is toch echt wel iets met mij aan de hand, geloof je me?..

Waarom wilde ik dat eigenlijk, erkenning van het trauma? Waarom niet gewoon doorleven zoals ik al 48 jaar had gedaan?
Het antwoord is heel simpel: het ging niet meer. Ik had teveel stress en te vaak zat ik langere tijd in een depressie. Omdat ik zulk vrolijk en positief werk heb (ik geef gitaarles) had ik ook mijn krachtbronnen die me energie gaven en me lieten ervaren dat er ook een andere werkelijkheid is. Die van muziek en het gewone leven waren zoveel fijner, dat er schijnbaar geen reden was om soms zo somber te zijn en overspannen te raken. Maar mijn verdedigingsschild die het trauma onder controle hielden werd zwakker. Ik ging meer voelen. Mijn chronische stress, mijn eenzaamheid, dissociaties kwamen op de voorgrond en onder de pet houden ging niet meer.

Verhalen van lotgenoten in de krant zorgden ervoor dat ik dagen huilend op de bank zat, ik kon niet meer.

Na een jaar onderzoek bij de GGZ was men eruit: ik had officieel een Trauma. Joepie! Want dat betekent ook: traumatherapie. Met dezelfde inspiratie en tegenzin als ik dit artikel schrijf, begon ik aan EMDR. voor mij een beginpunt. Na 23 sessies was het voor de GGZ een eindpunt. Er waren nog wel een paar dingetjes, maar die waren te zwak om er weer een vervolgtraject op toe te passen.

Helaas werd niet erkend dat ook in je lichaam nog herinneringen liggen verankerd. En dat waren nu net de dingetjes die de scores lieten zien als: niet normaal. Teveel spanning nog. Lichaamsgerichte therapie zou mooi geweest zijn, maar ik was er te goed aan toe.
Een paar jaar had ik geen therapie meer, en toen wegens een burn-out weer thuis. Mijn hart protesteerde tegen elke inspanning die ik deed. Protesteerde sowieso, ook al deed ik niets, overdag en ‘s nachts. Hart was er helemaal klaar mee, met mijn manier van leven. Tja, als je niet voelt waar je grenzen zijn, dan ga je er dus telkens overheen. Naar de cardioloog, onderzoeken. ‘Mevrouw, uw hart is in prima conditie. U heeft een conditie van 147% van wat op uw leeftijd verwacht kan worden.’ Een bètablokker bracht uitkomst en na een maandje slikken klopte mijn hart weer normaal en kon ik stoppen met de medicijnen.

Gelukkig heb ik nu therapie, buiten de GGZ, die heel goed aansluit bij wat ik nodig heb. Winstpunten:
Ik ga voelen waar mijn grenzen liggen. (Die zijn helaas veel eerder bereikt dan ik leuk vind.)
Ik ervaar mijzelf veel vaker als best wel leuk.
Ik krijg langzaamaan het gevoel dat mijn leven van mij is. Durf ook meer te genieten van die ene vrije dag, accepteer dan maar dat ik weinig geld heb. Beter zo en het gevoel hebben dat ik leef, dan me over te leveren aan een te vol leven dat ik helemaal niet aankan en weer in te storten. Dat kan ik me niet meer veroorloven. Zo heb ik ook nog eens plezier in wat ik doe.

Helen op latere leeftijd gaat met vallen en opstaan, met telkens heel veel tijd nemen om meer dat hele gevoelige en pijnlijke kunnen en durven door te voelen en dan liefdevol los te laten.
Helen houdt in dat je onder ogen ziet dat je een moeilijk leven hebt gehad, ook al snapte jij en je omgeving niet helemaal waar dat nou in zat. Als jij je eigen wonden onderkent, al twijfelt iedereen aan het bestaan ervan en je ze gaat verzorgen, wordt je leven anders.
Helen houdt in dat je pas jezelf bent als je jeugd voorbij is en je in een latere fase van je leven zit.
Helen houdt in dat je beseft dat je ook dan, na je 50ste opnieuw kunt beginnen. Niet met een nieuw gezin of zo, of een andere studie, maar wel met een overstap van overleven naar leven.
Het voelt als incarneren in dit leven, in dit lijf. Een nieuw leven starten in dit leven en het karma van de eerste helft kunnen verwerken en loslaten.

Zelfrespect en eigenwaarde

Als klein kind heb ik een aantal dingen meegemaakt die kinderen bespaard zouden moeten blijven.
Het ergste was een verkrachting onder bedreiging toen ik nog heel klein was. Voor de duidelijkheid: het was geen familielid en geen kennis.

Deze shock heeft o.a. een krater in mijn eigenwaarde en eigenliefde geslagen. Die is gewoon ontploft, met alle gevolgen van dien.

Leven zonder een gezond ontwikkeld gevoel van eigenwaarde is een heikele zaak. Je bent overgeleverd aan anderen, want de ander weet het beter/ heeft meer waarde. Maar als er twee anderen zijn met elk een andere mening, dan is dat wel een probleem. Mentale spagaat.. Vandaar dat ik dol was op alleen zijn: dan raakte ik niet in de war van anderen en kon ik, als ik goed luisterde, mijn eigen zwakke stemmetje horen.

Laatst werd ik me opeens bewust van het grote aantal negatieve gedachten over mezelf die ik zo gedurende een gewone dag heb. Het begint al bij het opstaan: blijf ik weer te lang liggen. Of als ik in de spiegel kijk: wat een wallen en rimpels. Blubberbuik, enzovoorts enzovoorts. Het houdt in feite niet op. Intussen knap ik wel op van complimenten……van anderen.
Deze gedachten en kinderlijke afhankelijkheid ondermijnen mijn gevoel van eigenwaarde en zelfrespect. Wat kan ik eraan doen?

Wat zou er gebeuren als ik tegen elke negatieve gedachte over mezelf, die ervoor zorgt dat ik me onzeker, miserabel en nutteloos voel, een positieve gedachte zet? Een soort omdenken om de negatieve impact van onrealistische, negatieve gedachten te doorbreken.

Tijd voor een lichtvoetig experiment.
Dit is de afspraak met mijzelf: als er een zelf-ondermijnende gedachte komt, dan zet ik daar opbouwende gedachten tegenover en ik ga kijken wat er dan gebeurt.
Ik ben nu een week verder en dit zijn een aantal ervaringen tot nu toe:

Ervaring 1: ik kijk in de spiegel en zeg tegen mijn spiegelbeeld voordat de negativiteit van start kan gaan: ik ben mooi, en heel lief. Ik heb een fijn lichaam waar ik al vele tientallen jaren goed in kan leven.
Resultaat: mijn voorhoofd ontspant zich. Dit gevoel blijft best wel lang aanwezig. (mijn dochter zei laatst: ‘mam, je hebt minder rimpels.’)

Ervaring 2: na een onhandige actie van mij overviel me een negatieve gedachte: wat doe je toch weer dom, op sociaal vlak. Je leert het ook nooit.
Getackeld met een Nieuwe gedachte: ik mag dan sociaal niet erg handig zijn, ook zonder sociale handigheid ben ik mooi, waardevol en heb mijn plek in deze wereld.
Resultaat: ontspanning en acceptatie van mezelf, inclusief de deukjes en eigenaardigheden.

Ervaring 3: ik loop in het park, ik kom een kennis met hond tegen. Met een smoes van: ik heb haast loopt hij snel verder. Ik gevoel van verlatenheid overvalt me en ik word verdrietig van z.g. verklarende gedachten als: het is ook niet leuk om met mij op te trekken. Teleurstelling en eenzaamheid komen op.
Nieuwe gedachte: ook al zou niemand mij moeten of aardig vinden, toch ben ik heel mooi, heel lief en heb een rechtmatige plek en betekenis in deze wereld.
Resultaat: ik kan zien dat ik zelf soms ook geen zin heb om met een ander mee te lopen. Dat het tussen sommige mensen beter klikt dan tussen andere en dat hij misschien slecht heeft geslapen of echt haast heeft, dat ik zijn reden om me voorbij te lopen niet ken, maar dat het niets met mij te maken hoeft te hebben. En al zou dat zo zijn: wat dan nog..
Ik voel me meer in mezelf, rustig en in balans.

Ervaring 4: ik loop weer in het park, met hondje en herhaal in mijzelf dat ik mooi, waardevol, leuk ben enzovoorts. Heel fijn. Totdat er een oud verdriet naar boven komt. Ik word even kots misselijk. Een gevoel overgehouden aan de verkrachting. Misschien denk je: vergezocht. Nou, nee, ik herken deze misselijkheid als geen ander, ik kan ze herkennen uit andere misselijkheden. En dit was die ene en geen andere. Gelukkig loop ik alleen en kan het verdriet toelaten terwijl ik de positieve gedachten over mezelf herhaal. Dan verdwijnt het weer, heb ik iets in mij getroost en kan ik weer aanwezig zijn in het hier en nu en gaat de dag gewoon verder.

Ervaring 5: ik ontdek een heel ondeugende, creatieve en eigengereide kant van mezelf. Helemaal niet lief en aangepast. Was ik al heel lang kwijt. Welkom, grappige en stoute zelf!

Ik kan wel stellen dat ik me beter voel, realistischer gedachten krijg, me meer kan ontspannen en, bovenal is het alsof ik meer kan leven vanuit mijn eigen perspectief. Minder afhankelijk van complimenten, meningen van anderen. Minder snel in de war van fouten, tegenslag en negativiteit.
Dit experiment is voor mij geslaagd en ik ga ermee door.

Liefs,

Dieke

Herstel

Vanmorgen bekeek ik de animatie die gemaakt is voor de Peter John Schouten stichting.
Die raakte mij. Om de impact van seksueel misbruik in 2.23 minuten voorbij te zien komen, was wel intens.
En dan tot slot, bij het onderdeel ‘herstel’ de zin die mij in tranen achterliet: ‘nu kan je persoonlijkheid zich opnieuw gaan vormen’.

Ik ben nu 58 jaar! WiI niet zeggen dat mijn leven al voorbij is, maar het misbruik vond plaats toen ik 5 jaar oud was en pas vanaf begin vorig jaar werd ik me er van bewust dat de dader nog steeds in mij is en vanuit mijn binnenste mijn leven bestuurt.

Met vallen en opstaan, therapie, steun van lotgenoten en familie ben ik er zo’n beetje uit gekomen. Littekens blijven, een stukje onverwerkt ook, tegelijk is meer ruimte voor mijn echte ‘zelf’. Zo voelt het, althans.

In kleine stapjes geef ik mijn leven vorm. Met veel gelanterfant en braakliggende tijd. Weet geen andere weg, want dan schiet ik in de snelle actie en die ken ik. Ben een expert in het mezelf uitputten en moet nu echt oppassen na de zoveelste keer uit het werkzame leven gevallen te zijn.

Ben weer redelijk hersteld en heb deeltijdontslag genomen om mogelijkheden te creëren. Heb veel ruimte nodig om het contact met mijzelf te blijven herstellen en te versterken. De gewoonte is ervandaan te gaan. Een oude gewoonte doorbreken is voor iedereen één van de moeilijkste dingen die er zijn. Dat voelt erg onwennig en ongemakkelijk: probeer iets waarvan ik niet goed weet hoe het werkt. Soms met succes, dan word ik opeens heel levendig, soms lukt het niet.

Mijn zelfdeel dat nu de ruimte krijgt om te gaan groeien is nog lang geen 58 jaar.
Daar zit het ongemak. Dat deel voelt kinderlijk, onvolwassen, een jong sprietje. Dat ben ik allang niet meer.
Hoe dit in te passen in het volwassen leven. Kleuter en senior in één leven.

Het verdriet over veel verloren tijd, de dankbaarheid dat herstel wel kan, zijn er allebei.

Ik heb iets te vieren

Ik trakteer mezelf op chocola en verse koffie. Er is iets te vieren.
Al lang voorvoelde ik dat deze verandering eraan zat te komen, maar wist niet hoe, wanneer het moment zou plaatsvinden waarop de balans zou doorslaan.
Nu, gisteren dus, maar ik besef het pas vandaag. Alsof mijn gevoel een beetje achterloopt.
Het is in feite heel gewoon. Alsof ik op vakantie ben, terwijl een volle werkweek voor me ligt, er niets is veranderd in mijn praktische, financiële, of persoonlijke leven.

Het kwam door een eenvoudig gesprek bij mijn haptonoom. Ik had vorige week de afspraak af willen zeggen omdat ik de noodzaak van een sessie niet meer inzag. Zoals gewoonlijk bij mij was ik daar te laat mee, en dus zat ik gisteren toch bij haar.
Vanaf mijn eerste sessie met haar verbaasde ze zich erover dat ik alles zo goed aanvoel. Fysieke intelligentie. En dat ik wat er gebeurt goed kan verwoorden. Verbaal vaardig. En dat ik inzicht heb in mijzelf. Ontwikkeld reflectievermogen. En dat ik eigenlijk alles weet en kan wat nodig is om een vervullend leven te leiden zoals bij mij past, maar dat ik het gewoon niet doe. Er niet op vertrouw. Wantrouwen in mijn eigen zijn en kunnen.

In januari zat ik voor de eerste keer bij haar, herstellende van mijn 5e (ja, echt, ik heb ze geteld) burn-out. Begonnen in november vorig jaar. Deze was heftig, ik dacht dat ik het aan mij hart had met een hart dat pijn deed en 24 uur per dag onregelmatig klopte. Dag en nacht. Na onderzoek bleek dat ik een goed hart heb die fysiek gezien het prima doet en alleen een beetje van slag is, letterlijk. Dus pilletje om dat tegen te gaan, na een half uurtje na inname klopte mijn hart weer normaal. Vervolgens duurde het nog wel een paar maanden voordat ik bij mijn positieven was gekomen en mijn innerlijke accu weer stroom kon genereren. Pillen slik ik niet meer.

En nu, bijna 7 maanden later, kan ik vieren dat de knop om is, waarbij ik mijn haptonoom en homeopaat allebei bedank vanuit de grond van mijn hart over hun openhartigheid, waar ik ook om vroeg, om hun vermogen de wijsheid van mijn lichaam te vertalen in woorden en mij vervolgens een schop onder de kont te geven: ga zwemmen zonder zwemvest, dat kun je allang. Vertrouw.

Ja, maar hoe dan? Hoe werkt dat? Ik ben het niet gewend. Heb het nooit gedaan. Vertrouw meer op zwoegen en het zwaar hebben.
Het antwoord is zo simpel: geef jezelf ruimte om te Zijn en te Spelen en te doen wat je wil op een manier die bij je past. Precies de zakelijke belofte van mijn gitaar- en muziekpraktijk.

Geen therapie meer, geen trainingen, die ik soms deed uit angst, soms uitvluchten zijn geweest om mijn gebrek aan vertrouwen en onvermogen om op eigen benen te staan te omzeilen. Vanmorgen zou ik eigenlijk een webinar beluisteren. Heb het niet gedaan. Koffie, chocola en schrijven paste beter. Moet alles wat ik weet en kan gaan toepassen. Er ligt nog een berg heerlijke kennis en vaardigheden te wachten.

Ik ben nu 57 jaar, ben in mijn vroegste jeugd door heftige gebeurtenissen (waaronder seksueel misbruik) getraumatiseerd en heb daardoor geleerd mijn diepste zelf te wantrouwen, raar en belachelijk te vinden en heb een leven geleid half buiten mijzelf. Heel vervreemdend, verwarrend, destructief en naar, wanneer ik in dat stuk zat buiten mijzelf.
Ik heb nog steeds butsen, triggers en littekens, maar weet dat mijn gezonde zelf gegroeid is, het trauma voor zover ik weet, geheeld en dat ik dit nu achter me kan laten.
Ik kan eindelijk volwassen worden nu het gekwetste innerlijke kind de aandacht heeft gekregen die het nodig had.

De slinkse wegen van dissociatie

Een van de bijzondere gevolgen van een niet genezen trauma, ontstaan in je vroegste jeugd is, dat je allerlei overlevingsstrategieen ontwikkelt en sublimeert zodat ze nog tientallen jaren je leven blijven bepalen, ook al is het gevaar uit je jeugd allang voorbij en doen de strategieën in veilige omstandigheden meer kwaad dan goed.

Maar toch: dankzij die slimmigheden van je geest heb je overleefd en leef je nog steeds. Bij deze dus een eerbetoon aan de overlevingsstrategie.

Even een korte terugblik: Het allereerste trauma ligt nu alweer 52 jaar achter me, ik heb een paar jaar geleden intensieve therapie gehad en oude, nog steeds levende gebeurtenissen verwerkt. Natuurlijk blijven de littekens, de gevoeligheden en kan ik soms nog flink boos of verdrietig worden, maar toch: er is meer geïntegreerd, de blokkade tussen mij en de wereld (=leven alsof ik een alien ben) is veel minder heftig nu.

Toch merkte ik dat ik bleef rondcirkelen in ingeslepen mechanismen en spanningen die mij kwaad doen. En die zorgden ervoor dat ik afgelopen najaar weer in een burn-out terechtkwam. Dit keer een heftige. Met hartproblemen. Dat had ik nog nooit gehad. Mijn persoonlijke geschiedenis laat zien dat ik elke 4 of 5 jaar zwaar overspannen word/ in een burn-out raak. Dat mijn hart nu ook ging meedoen, was nieuw en naar.
En dat voor een gitaardocent die ontspannen als basis van fijn musiceren leert. Mijn persoonlijke zwakke punt als speerpunt van mijn werk: met een PTSS die al veel te lang heeft geduurd.

Eerst hartonderzoek: gelukkig doet mijn hart het goed. Geen defect. En allerlei andere onderzoeken: met mijn gezondheid is niets mis. Toch die eindeloze moeheid, gebrek aan energie en een hart dat raar klopt.
Volledig uitgeput, omdat ik grenzen nog steeds niet voel en daar stelselmatig over heen ga?

Ik kreeg advies van de huisarts om haptotherapie te volgen. Omdat ik in gesprekken meesterlijk kan vermijden en meer wil voelen: wat gebeurt er met mij op een dieper niveau dan mentaal, waardoor ik blijf herhalen wat ik al bijna mijn hele leven doe.

De sessies hebben mij in korte tijd belangrijk inzicht gegeven waar ik niet omheen kan, omdat ik het gevoeld heb in mijn lijf.
Ik heb ervaren tijdens sessies dat ik heel sensitief ben, maar leef als een bouwvakker, doe mezelf geweld aan.
Ik heb geleerd, gezien en ervaren dat er veel manieren van dissociëren(= wegvliegen uit het hier en nu) zijn en dat ikzelf bedreven ben in een heel palet.
Ik kan dissociëren in druk zijn, maar ook in vermoeidheid, of in nadenken, of in spelletjes doen, van alles uitzoeken op de iPad.
Alsof ik mezelf niet toesta hier en nu te zijn, op deze plek, in dit leven.
Ik durf niet goed mezelf te voelen, in contact met anderen.
Ik let zo goed op de signalen van de ander (is het veilig, wat heeft de ander nodig zich goed te voelen?) dat ik het contact met mijzelf kwijtraak. Door zo intensief naar de ander gericht te zijn, vind ik het heel moeilijk de richting van mijn energie weer om te keren naar mezelf, wanneer de mogelijkheid er is. Leef nog steeds in een alarmfase waarin veiligheid scheppen het primaire doel is.

Het gevolg is innerlijke verwaarlozing, dat zich uit in een gevoel alsof ik een lege huls ben. Een verlaten huis, slordig achtergelaten door de bewoner.

Voor alle duidelijkheid: dit gebeurt niet expres, maar zijn onbewuste processen.

In dromen en nachtmerries is dit beeld vaak naar voren gekomen: ik vlucht uit huis, door een raam, omdat moordenaars aan de deur kloppen. Of: ik zit eenzaam buiten en heb geen plek.

In dit licht bezien is het ook niet zo gek dat ik regelmatig overspannen wordt. Uitputting door teveel naar buiten gericht te zijn en niet voor mijn eigen leven kunnen zorgen, omdat er nog steeds op een onbewust niveau gevaar gevreesd wordt. Het drama van PTSS. Door de lange duur en de gewoonte ingeslepen, verfijnd en bijna onherkenbaar.

Het was voor mij een bevrijdende ontdekking: O, dat is er. Die angst, die gewoonte het contact met mezelf te verliezen. Meer bevrijdend dan schokkend. De ravage die het heeft aangericht in mijn leven, die ken ik nu wel. Het zij zo.

De kunst is nu om als volwassen ik, mijn kleine ik bij de hand te nemen, de kinderangsten onder ogen te zien en samen de krokodil onder het bed, de enge man aan de deur, te verjagen of gewoon te zien dat die er niet meer is. En mijn leven te bevestigen: je hebt een plek gekregen in deze wereld, anders zou je er niet zijn. Ga daar gewoon staan, op die plek, als jezelf.

Gelukkig ben ik heel groot, al heel lang volwassen en heb ik tientallen kindertjes groot en klein geholpen bij allerlei angsten.
Zal het bij mezelf ook lukken? Het begint bij voelen, het lijntje met mijn basis(onderbuik, billen) vast te houden en woorden te oefenen om mijn grenzen, wensen en behoeften aan te (durven) geven, die om te zetten in concrete stappen en te ervaren dat ik niet word vermalen, opgegeten, uitgelachen, vernietigd, in de steek gelaten wanneer ik dat doe.. Stap voor stap en woord voor woord.

#ikkijknietweg

Voor de week waarin kindermisbruik, mishandeling, de gevolgen ervan centraal staan, een artikel en gedicht over de lange termijn gevolgen van trauma zoals ik dat in mijn leven ervaar.

Mijn grenzen voelen, dat is iets wat ik niet kan. Vier jaar geleden had ik een burn-out, nu ben ik alweer overwerkt. Voor de zoveelste keer.
Sommige dingen gaan niet over. De gewoontes van meer dan 50 jaar zijn ingeslepen. Zou het anders zijn als ik eerder goede hulp had gehad? Misschien wel. De overlevingsstrategie gaat ‘aan’ voordat ik het anders kan doen. Dat doet pijn. Het accepteren is overgave, loslaten, en, zoals ik tegen anderen zeg: dat gaat niet zonder moeite.

Dit proces heb ik in dit gedicht verwoord:

Het gaat nooit over
Wat stuk is wordt niet meer heel

De wens te helen leidt me
Op een doodlopende weg

Er is geen glorieuze toekomst
Ik word niet meer beter.

Uw koninkrijk kome.

De illusie is stukgevallen
De pijnlijke waarheid schuurt

Ik hou vol te voelen
Niet een ander te verwijten

leidt mij niet in verzoeking.

Ik kan de verwijdering niet overbruggen
Het doet nog teveel pijn

Delen gaat nog niet
Ik wandel alleen op dit pad

Geen gemakkelijke oplossing sta ik toe
‘Je kan toch dit of dat’
‘Ook in het water schijnt te zon’

In therapie hoopte ik te genezen
Weer heel te worden.

Een stukje is gelukt
Blijft de allergie voor stress, de gewoontes, de depressies.

Heer ontferm u.

Wat ik wil, hoe ik wil leven lukt niet.
Onmiddellijk komen de spoken spoken
En slaan alles stuk.

Ontferm u over mij.

Geluk komt en roept repercussies op
In de vorm van depressie en wanhoop.

Teveel werken en onmacht om..
Wisselen elkaar af.

En wees mij genadig.

Dit is hoe het is
Ik kan het niet veranderen.

Want van u is de heerlijkheid.

Ik geef het op.

Amen.

De weg terug vinden

Ben kwijt, kan niet meer stilzitten en niets doen. Als ik nietsdoe, hoor ik de drukke vogels, de suizende wind door de bladeren en voel hoe de aarde in duizelingwekkende snelheid door het heelal raast. Hoezo, stil? Er is nooit stilte of rust.

Hondje staart me aan en snapt niet dat ik niet wil spelen. Als ze speelt gaat ze blaffen. Een beetje schel, bozig of grappig blafje. Versterkt mijn onrust. Later, hondje, eerst weer mezelf bewonen.

Haat het, mij zo te voelen. Klaag, klaag, slachtoffer, het is weer eens te veel. Waarom geen grenzen aangegeven? Nou, ik voelde ze niet meer.
Ondanks lichaamswerk en bewustwording van wat ik voel, ging ik toch sluipenderwijs uit de connectie met mijn lijf en ging mij gebruiken als gebruiksvoorwerp. Totdat lijf sprak: en nu is het genoeg.

Kan alleen denken in functies. Als ik dit schrijf, kan ik niet iets nuttigs doen. Als ik maar alles zelf blijf doen, dan versterkt het mijn slachtoffer-zijn en hoef ik niet te voelen waarom ik dat doe. Gewoonte vanaf vroege jeugd laat zich niet makkelijk uitwissen.
Opeens gaat de zo’n schijnen. Ja? is dit het?
Voor mij staat een hangmat, gekregen van mijn lief, om eens uit te rusten. Kan er nog niet in gaan liggen. Eerst dieper voelen.

Het eenzame kind dat verdreven werd uit het kinderparadijs en teveel op haar bordje kreeg. Dat als strategie uitvond: als ik nu maar heel hard mijn best doe, dan overleef ik, komt alles goed, word ik weer van mijzelf, geneest mijn moeder, komt het paradijs terug.

Maar er is altijd meer dat gedaan moet worden, meer wat nog niet af is. Het kan altijd beter. Waarom moet het beter? Waarom moet het af? Is er niemand die het over kan nemen?
De overtuiging is: nee. Om diverse redenen. En soms word ik daarin bevestigd. Zoals gisteren. En dan gaat het helemaal mis.
Ik zie en voorzie veel. Een kwaliteit en een last.

Nu weer terug, naar voelen. Voelen, hoe ik hier zit, de zware droefheid vanbinnen en de sprankeltjes. Wacht op de loodzware vermoeidheid die nog niet komt.

Waarom meteen invullen? Blijf bij wat er nu is.
Hondje kauwt haar bot, ligt lekker in het gras. Mijn voeten tintelen. Schouders ontspannen. Voel dat ik warm ben en levend. Misschien bewoon ik mij nog niet van top tot teen, maar al wel een steeds groter deel.

Blijf strijden tegen ongewenste indringers en omarmen versteende delen van mij. Mijn wapens zijn mijn levensadem en het hier en nu.
Vandaag geen grote openbaringen of diepe inzichten. Alleen het zachte zijn in mij dat groeit, hier, op deze plek, niet ergens anders, nu, niet morgen of gisteren. Zonder spijt, woede of schuld.

Verwerkingswerk

Het wordt serieus met de verhuizing. Het inkrimpen van twee- naar één appartement vereist veel uitzoeken, opruimen, loslaten, ruimte maken.

Gisteravond heb ik een ladekastje leeggeruimd. In één lade lagen oude brieven: van mensen die ik niet meer ken en van ouders, vrienden, familieleden. Prachtig! Tot eind jaren ’90 schreven we dus brieven. Reflecties over het leven, gebeurtenissen. Gevoelens, wensen en verlangens schreef je op mooi briefpapier of een losgescheurd velletje en verzond dat aan je geliefde, familie, vrienden.

Er was één brief bij waarin mij de ‘les’ werd gelezen: ‘los je problemen nu eens zelf op, leun niet langer op hulp van anderen, therapieën, goeroes, doe het alleen, doe het.’
Ik werd er heel boos van: waar haalde de schrijver de arrogantie vandaan om dit mij te vertellen zonder de oorzaak van mijn moeilijkheden te kennen.
Terwijl ik zat te lezen en me zat op te winden kwam de tijd waarin deze brief was geschreven weer naar boven: het moeilijke huwelijk, de ellende van alcoholmisbruik, het gevoel te leven in een afgesloten donkere box terwijl ik tegelijkertijd mijn liefste kinderen een jeugd wilde geven. Het onvermogen echt uit de situatie te komen en de diep gewortelde levenspijn die er altijd was wat ik ook deed (therapieën, retraites, me storten in van alles en nog wat), achter me te laten.

Wist ik toen maar wat ik nu weet: dat misbruik in een vroege jeugd desastreuze gevolgen heeft op een gezonde ontwikkeling. Wist ik maar dat de klachten die ik had naadloos passen in het profiel van een misbruikt mens. Wist ik maar wat dissociatie was. Wist ik maar waar mijn pijn vandaan kwam.
Maar dat wist ik allemaal niet. En dus werkte ik mij telkens weer in de nesten, gedirigeerd als ik werd door onverwerkt trauma. Nam roekeloze beslissingen in de hoop mijn pijn te slim af te zijn. Zocht verlossing die niet kwam. Integendeel.
Het zorgde ervoor dat ik een moeilijk leven leidde en mijn familie telkens weer schrok van wat ik nu weer had gedaan.

De oude pijn en de hopeloosheid van de situatie van toen kwam weer naar boven, gisteren. Ik viel erin en ik viel daarna in de angst van de kleine kleuter. Paniek.
Mag er zijn, nu. Ik ken de weg: boosheid, verdriet, de zwarte doos, het vallen, de paniek-aanval, weer rustig worden. Ik weet dat dat altijd volgt. Als ik er maar niet tegen vecht. Met mijn adem kan ik reguleren als het te heftig wordt.
Toelaten, wel hier blijven, nu, in deze veilige ruimte waarin het verleden niet hoeft worden weggestopt, er mag zijn terwijl ik weet dat het fysiek en in de tijd voorbij is: dat wat mij traumatiseerde.

Mijn ouders bleven me altijd steunen, losten acute crisissituaties op. Hoewel niet iedereen het daarmee eens was. Ik weet niet wat er was gebeurd als ze dat niet hadden gedaan. Was het dan eerder goed gegaan, of juist helemaal fout?
Feit is dat mijn moeder zei, toen ik 3 jaar geleden met mijn verhaal naar buiten kwam: ‘Dat was er dus, ik heb altijd geweten dat er iets was, maar wist niet wat.’
Dat raakte me. Zij voelde intuïtief aan: er is iets meer aan de hand dan honger naar avontuur of de wens domme beslissingen te nemen.

Het verwerken van een trauma volgt een grillige weg. Sinds gisteren is er weer wat opgelost en wordt mijn leven weer een stukje meer van mezelf. Zodat ik steeds meer toerekeningsvatbaar wordt en steeds meer verantwoordelijkheid kan dragen voor wat ik doe en niet doe.

Heb nu het gevoel alsof ik een marathon gelopen heb. Verwerken is hard werken. Overal spierpijn. Gelukkig is het vakantie en kan ik rustig aan doen vandaag: deze blog schrijven, toelaten wat er is.
Werken zou echt moeilijk zijn, nu.

De kracht van lotgenoten

Dankbaar ben ik, dat ik lotgenoten ken. Voor de rode tent van Hanny Lynch. Voor stichtingen zoals Revief, CELEVT, kunst uit geweld opgericht door Esther Veerman.

Want: natuurljk ben ik blij dat ik leef. De drang naar leven is groot en bijna onverwoestbaar, ook in barre omstandigheden.

Grensoverscheidend gedrag, zoals seksueel misbruik, huiselijk geweld en mishandeling zo verantwoord wordt genoemd, heeft grote gevolgen voor je leven.

Ik weet er van alles van.
Het heeft invloed op alles (lees hier het boek met die titel).
Hoe je je voelt, hoe je prestaties op school zijn, hoe gezond je bent, hoe je met seksualiteit omgaat, welke partner je kiest, of je het geweld kunt stoppen, je gevoel van eigenwaarde, hoe je je kinderen opvoed, enzovoorts.

Contact met lotgenoten is belangrijk en helend. Je kunt open spreken, je wordt begrepen, je herkent je in verhalen van anderen, je ziet hun pijn die ook jouw pijn is.
Vergeten herinneringen komen boven en krijgen een plek. De puzzelstukjes van je leven vormen steeds meer een samenhangend geheel.

Dit is steunend en helend. En, je zou het niet zeggen omdat tijdens contact toch heel moeilijke onderwerpen gedeeld worden, je wordt er vrolijk en levenslustig van.

Na alle therapieën die ik gevolgd heb, het uitbehandeld zijn, blijven toch de wonden van mijn leven: de ongezonde keuzes, de gevolgen die zij hebben op mijn leven, mijn werk, mijn gezondheid, mijn financiële situatie, mijn relaties, mijn kinderen.
En de gewoontes die zijn ingeslepen na 50 jaar leven met PTSS zijn ook niet een twee drie weg te poetsen.
Dat is soms moeilijk te accepteren. Contact met lotgenoten helpt echt. Ik ben er gezonder door geworden. Letterlijk, fysiek. Gevolg van het praten over de blokkades die ik had omtrent onderzoeken.

Ik krijg weer hoop en voel me met recht dankbaar. Dankzij die dappere mensen die opstaan tegen geweld ondanks dat het zo’n pijn doet, die hun gekwetste ziel openstellen voor anderen zodat zij ook moed krijgen Het Geheim te delen, uit de ellende te stappen en de weg naar heling in te slaan.